Waarom in Godsnaam?

Mensen van de Dominicus

Monique Baksteen (65)

Kok/patissier (volgens vrienden) voorheen verpleegkundige en begeleider

 

Wat doe je hier in Godsnaam?

We (mijn man en ik) komen nu 15 jaar in de Dominicus. Ik laaf me aan de schoonheid van het gebouw en aan de wijze woorden die heel inspirerend voor me zijn. Ze helpen me vorm te geven aan het dagelijks leven. Daarnaast zijn de rituelen en de stilte mooi en helpend.

Wat is jouw favoriete karaktereigenschap?

Mijn creativiteit. Ik word blij van dingen maken en bedenken, al doende. Ik kook bijvoorbeeld graag en hou van knutselen met tuinafval en bloemen.
Met weinig middelen iets moois maken.

Wat waardeer je het meest aan je vrienden?

Hun onvoorwaardelijkheid en trouw. Ik heb verschillende vrienden en vriendengroepen die kostbaar zijn. Een daarvan, een vriendengroep van 12 mensen, bestaat al meer dan 30 jaar. We treffen elkaar iedere drie weken bij ons thuis en volgen zo elkaars leven. Zijn blij elkaar dan te zien. We lachen veel en kunnen ernstig zijn. Lezen samen een boek en kunnen het hartgrondig met elkaar oneens zijn. Vertellen wat ons bezighoudt als we daar zin in hebben. We oefenen in luisteren en drinken een glas wijn.

Wat is de grootste fout die je gemaakt hebt?

Dat ik door mijn enthousiasme en relativeringsvermogen wel eens een beetje voorbijging aan verdriet. Deze eigenschappen hielpen mij zelf overeind te blijven tijdens de verdrietige periodes in mijn leven. Nu probeer ik daar meer bij stil te staan en ruimte te nemen. Verdriet mag er zijn.

Waarom zien we je op deze plek?

Het is prettig om op een plek te zijn waar je het niet zeker hoeft te weten. Mijn man Bert komt uit een kerkelijke achtergrond waar geen ruimte was om zelf na te denken, dat was beklemmend. Toen de tijd rijp was hebben we samen een zoektocht afgelegd langs verschillende kerken naar een plaats waar meer ruimte is. Om uiteindelijk 15 jaar geleden hier onze plek te vinden. Een bevrijdende plek, omdat hier wordt gezegd: “We weten het niet”. Dat we samen kunnen zoeken, maatschappelijk betrokken kunnen zijn en ook samen stil zijn.

Wat is jouw idee van geluk?

Doorgaans vermaak ik me prima alleen maar echt blij word ik van samen een spelletje doen en ik ben niet vies van een goed gesprek. Maar ook samen koken bijvoorbeeld voor kansarme mensen. Zonder woorden zijn we daar met een groep mensen bezig wat moois te maken en dat geeft voldoening. 

Aan welke mensen uit de geschiedenis heb je het meest een hekel?

Als het ook uit de actuele geschiedenis mag: aan Donald Trump. Uit niets blijkt dat hij oog heeft voor het kwetsbare, de kansarmen. Ik vind het afschuwelijk.

Wie zijn je helden/heldinnen uit de bijbel? 

Eigenlijk ben ik niet zo van de helden.  Maar als ik iemand moet kiezen, kies ik de herbergier (m/v) die Jozef en Maria een plek gaf in de stal toen er nergens meer een plek was. Deze persoon is voor mij een voorbeeld van actieve hoop, van dingen mogelijk maken, van ‘het kan wel’.

Wie zijn je favoriete helden in het echte leven?

Dat zijn er veel, bijvoorbeeld mensen met een zogenaamde ‘verstandelijke beperking’. Zij voelen vaak feilloos aan wat er nodig is, bijvoorbeeld als mensen verdrietig zijn. Ze kunnen dan onbevangen geven wat nodig is zonder zich eerst af te vragen wat iemand ervan zal vinden, of het niet raar is etc. Wij kunnen daar moeite mee hebben, moeten dingen van ons af gooien, zijn bang dat iemand niet op ons zit te wachten. Zij gaan onbevangen troosten, slaan een arm om iemand heen. Dat vind ik helden. Ik heb als begeleider met deze groep mensen gewerkt. Ik hoefde soms alleen maar te faciliteren. Zo introduceerde ik met Allerzielen het ritueel met de kaarsen. Met verwondering keek ik hoe mensen een foto meenamen van een dierbare overledene of van een huisdier, elkaar verhalen vertelden en konden troosten. Puur en onbevangen.  

Onze vijf kinderen vind ik ook helden. Als ik zie hoe ze vormgeven aan het leven in deze tijd. Menselijk blijven.

Hoe wil je sterven?

Dankbaar in vertrouwen. Als het kan omringd door mensen die me lief zijn.

Wat is je huidige gemoedstoestand?

Op dit moment voel ik me wiebelig, want onlangs kreeg ik een verdrietig bericht. Doorgaans ben ik een enthousiaste levensgenieter. Ik kan helemaal blij worden van een prachtige bloem langs de kant van de weg.

Voor welke fout heb je de meeste tolerantie?

Voor jeugdige overmoed. Tieners die de mist ingaan. Dat hoort bij het leven, ze moeten dingen uitvinden door fouten te maken, we moeten daar niet te streng voor zijn. En tegelijk was ik best een strenge moeder toen mijn eigen kinderen tieners waren.

Wat is je motto?

Er wordt mij vaak verweten dat ik bijna altijd iets positiefs kan zien in mensen, dat gaat vanzelf en helpt te relativeren. Maar in deze tijd heb ik veel aan het motto van Victor Frankl: “Between stimulus and respons there is a space. In that space is our power to choose our response. In our respons lies our growth and our freedom.” Het geeft perspectief om je bewust te worden van de ruimte die je kunt gebruiken om na te denken en te reageren op alle nare berichten waar je geen controle over hebt. Het betekent in de praktijk dat we wel iets kleins kunnen doen in onze eigen omgeving. Iemand voor iemand zijn misschien.

Wat doe je graag als je niet in de kerk zit?

Ik kook en bak voor een restaurant, voor groepen kansarmen in Amsterdam en regelmatig ook op boerderij de Meent voor mensen zonder papieren.
Met mijn kinderen en kleinkinderen zijn. Kringlopen doe ik graag, op zoek naar ‘oude meuk’. Wandelen, fietsen, tennissen, lezen, het hoeft niet zo spannend te zijn.