foto-links

raamdom-gr

Goede week 2020

We hadden ons deze dagen anders gedacht. Zoals we gewoonlijk toeleven naar het einde van de Veertigdagentijd, zo is het deze tijd niet.

Onze gedachten gaan uit naar het koor, dat gewoonlijk zo eindeloos aan het oefenen is – wat hebben ze nog mooi gezongen in die eerste meeluistervieringen, toen het nog kon. We missen ze wel en ook zelf zullen ze de vieringen die in de Paastijd tot een hoogtepunt komen, vast missen.

We gaan de Goede Week in, te beginnen met aanstaande zondag, Palmpasen. Op deze zondag waar het verhaal van de Intocht in Jeruzalem waarin de mensen hoopvol Jezus toejuichen en met palmtakken verwelkomen, vindt nu zoals gepland een kinderdienst plaats. Aan deze dienst werd al gewerkt toen de vieringen nog gewoon door konden gaan. er is een aangepaste vorm gevonden die we u graag laten horen. Hopelijk kan jong en oud zich laten meenemen in dit verhaal. Laat kinderen en kleinkinderen aanschuiven.

Daarna gaan we op weg naar Pasen. Een meditatieve Witte Donderdagviering is te beluisteren op donderdag om 20 uur.

Goede Vrijdag hopen we vanuit de kerk uit te kunnen uitzenden. Niet met de aanvankelijk aangekondigde musical De Lastpost, die we voor een ander jaar bewaren, maar als vanouds zal het lijdensverhaal gelezen worden door Mirjam Nieboer en Ton van Dam, zal Henk hillenaar het Goede Vrijdaggebed uitspreken en zal aan de viering musicaal worden bijgedragen door David Cohen en Herman Rouw.

De Paasavondviering die veel moeilijker digitaal uit te zenden is, laten we dit jaar vervallen. Het is de stille zaterdag, de dag van het voorbijgaan. Deze nacht beleven we ieder voor onszelf, in stilte, in afwachting van Paasmorgen.

Op Paasmorgen zal de dienst gewoon om 11 uur beginnen. De overweging wordt gehouden door Janneke Stegeman.

Zondag 5 april – Palmpasen – Kinderdienst                             Annigje Bos

Witte donderdag 9 april, 20.00u                                                 Juut Meijer

Goede Vrijdag 10 april , 20.00u                                              Henk Hillenaar

Paasmorgen 12 april                                                       Janneke Stegeman

Aanpak Corona & de Dominicus

Op 23/3 heeft de overheid aangescherpte aanvullende maatregelen genomen in de aanpak van het Coronavirus en de reeds op 12/3 en 15/3 genomen maatregelen verlengd t/m 1 juni april a.s. (u vindt het overheidsnieuws hier).

Voor de Dominicus betekent dit dat we het eerder genomen besluit omtrent de zondagdiensten verlengen (zolang als door de overheid voorgeschreven), en dat daarnaast ook de activiteiten in het groepenprogramma (Dominicus door de week) gedurende deze periode niet zullen doorgaan.
Pastores, Liturgisch team, Beleidsraad, werkgroep Pastoraat en anderen zijn reeds begonnen met alternatieve manieren om met elkaar verbonden en in contact te blijven – zoals b.v. een podcast naast de diensten. Ook denken we over de consequenties voor onze zondagdienst.
We houden u op de hoogte – via deze website, facebook, nieuwsbrief, of podcast (en heeft u contact met Dominicusgangers die geen internet hebben? Geeft u dit aub door!).

Wij krijgen van verschillende Dominicusgangers het aanbod om te helpen. Hebt u hulp nodig ? Laat het ons weten – dat kan via de pastores, via de contactgroep of via het secretariaat. Wellicht kunnen wij u dan in contact brengen met iemand in uw buurt die wil helpen.

Onderaan deze pagina vindt u de contactgegevens van de pastores en de werkgroep contact die klaar staat voor telefonisch contact – en de link naar informatie van de overheid omtrent het Coronavirus.

Zondagdiensten v.a. 15 maart alleen te beluisteren
De overheid heeft een dringend advies gegeven om t/m 6 april a.s. geen
bijeenkomsten met meer dan 100 mensen te organiseren of te bezoeken i.v.m. het tegengaan van de verspreiding van het Corona-virus. Omdat bezoekers van de Dominicus uit een groot gebied afkomstig zijn en er ook relatief veel mensen uit meer vatbare groepen naar de diensten komen heeft de Beleidsraad in overleg met het Liturgisch Team besloten om de komende zondagen kerkdiensten te houden zonder bezoekers. Dat wil zeggen dat u de diensten thuis kunt beluisteren via onze website maar dat we u dringend vragen deze zondagen niet naar de kerk te komen.

Let wel: de diensten gaan door – maar alleen via onze website op de pagina ‘Luister’. Wij nodigen u van harte uit op deze zondagen via internet aan de dienst deel te nemen en ons zo met elkaar verbonden te weten. De orde van dienst vindt u tijdig op de website. Het is mogelijk dat het beleid gewijzigd of aangepast wordt – houdt u dus onze website in de gaten!

De dienst die onze uitzendingen verzorgt, Kerkdienstgemist.nl, doet er alles
aan om voldoende capaciteit te hebben, maar leest u de aanwijzingen op onze ‘Luister’-pagina om storingen te helpen voorkomen.U kunt aan de collecte bijdragen via Givt – op dezelfde ‘Luister’-pagina of steunt u ons via een overschrijving: onze bankrekening vindt u hier – net als onze contactgegevens.

We hopen dat we hiermee een besluit nemen dat op uw begrip en medewerking kan rekenen en dat iedereen gezond en wel blijft.
Laten we samen blijven zingen, samen luisteren en bidden en we verheugen ons erop elkaar weer te zien,

Jan van der Meulen en Alle van Steenis (voorzitters BR & LT)

PASTORAAT 
De pastores van de Dominicus, Eva Martens en Juut Meijer, zijn bereikbaar voor een gesprek of een afspraak. Tel/mail: 020 -6226171
Evamartens@dominicusamsterdam.nl|Juutmeijer@dominicusamsterdam.nl
Om contact met de Dominicus te houden tijdens ziekte of anderszins is er telefonisch contact mogelijk met leden van de contactgroep. Bel met Arie Kempkes, tel. 06-47452143

Meer informatie over de richtlijnen rondom het Corona-virus vindt u hier:
Informatie van de overheid
Richtlijnen rondom het corona-virus van de PKN

Vragen over dit bericht? Stelt u die bij voorbaat via de mail: secretariaat@dominicusamsterdam.nl
Bericht gepubliceerd 12/3/2020, bewerkt 24/3/2020

Nieuwe serie: Hoor je mij?

Timothy Schmalz – Jesus begging

Veertigdagentijd 2020: Verhalen uit het dal van diepe duisternis

Tijdens deze veertigdagentijd gedenken we in de liturgie de vele manieren waarop mensen hun nood, hun wanhoop, hun eenzaamheid uitroepen in de hoop gehoord te worden. Zoals in de psalmen regelmatig deze stemmen klinken en ons bekend voor kunnen komen. Donkere psalmen, waarin soms, opeens, een antwoord gehoord wordt, Waar midden in een donkere nacht het licht  – soms even – zichtbaar wordt.

Juist het dal van diepe duisternis is vaak de vindplaats van geloof en de ervaring van de kracht die dat je geven kan. ‘God fluistert in ons geluk, maar hij schreeuwt in ons lijden’, schreef C.S. Lewis ooit. Maar allereerst is er de ervaring van het lijden, de wanhoop, de vraag hoe om te gaan met een situatie waarin je je vooral uitzichtloos, machteloos, hopeloos voelt.

In onze tijd met haar sterke geloof in maakbaarheid voelt het al snel als je eigen tekortkoming als je in deze situatie terechtkomt. Maar is het lijden niet van alle tijden, en zouden we niet meer moeten spreken over wat ons door een dal heen kan helpen? Hoe we hierin ook samen zijn, met in het achterhoofd de verhalen van de bijbel, die er – soms even – een ander licht op werpen.

Woensdag 26 februari – Aswoensdag

Lezing Psalm 23
Overweging: Marcel Elsenaar

Zondag 1 maart – De profundis – uit de diepte roep ik u!
De Ierse schrijver Oscar Wilde wordt in de jaren tachtig van de negentiende eeuw tot twee jaar gevangenisstraf veroordeeld vanwege homoseksualiteit. Vanuit de gevangenis schrijft hij een lange brief vol bittere verwijten, zelfbeklag maar later ook steeds meer zelfreflectie aan zijn jonge minnaar. Dit epistel, gerekend tot de grootste briefliteratuur, is uitgegeven onder de titel De profundis, uit de diepten, een verwijzing naar de gelijknamige psalm 130. Een verhaal over einde en nieuw begin. Over duisternis en morgenrood.

Lezing: Oscar Wilde: De profundis
Overweging: Colet van der Ven

Zondag 8 maart – Steeds opnieuw moeten beginnen
Hoe kwetsbaar en machteloos zijn we als we mensen dicht bij ons zien worstelen met het leven. De vraag ‘hoor je mij?’ krijgt een dubbelklank in het zorgen voor een ander. Wat helpt je om het vol te houden? Aan de hand van gedichten van Marnix Niemeijer luisteren wij, horen wij hoe hij met zijn dochter meeleeft en houvast vindt voor zijn zorgen. Hoe rijmt zijn gedicht met het verhaal van de vader die zijn zieke zoon bij Jezus en de leerlingen brengt?

Lezing: Marcus 9, 14-29
Overweging: Marcel Elsenaar

Zondag 15 maart – De vele stemmen die roepen ‘Hoor je mij? – LUISTERDIENST
‘Hoor je mij’ – dat roept ook de vraag op hoe we omgaan met de duisternis van anderen. Of we in staat zijn om te luisteren naar stemmen uit een duisternis die we niet uit eigen ervaring kennen. Er zijn geen mensen zonder stem, enkel stemmen die we liever niet horen, schreef de Indiase activiste en schrijfster Arundhati Roy. Dat is vast wel herkenbaar. Er zijn veel stemmen die roepen om recht, om een luisterend oor, om een andere wereld. Je moet wel God zelf zijn om die allemaal te kunnen horen zonder overspoeld te worden. Elia leerde de stem van de Levende onderscheiden. Misschien kan dat verhaal ook ons oor richten en onze gehoor verscherpen.

Lezing: 1 Koningen 19
Overweging: Janneke Stegeman

Zondag 22 maart – Storm op het meer – storm in de ziel – LUISTERDIENST
Vlak voor het Joodse paasfeest beleven Jezus’ leerlingen momenten van duisternis en hevige angst wanneer ze na het wonder van de broodvermenigvuldiging het meer opgaan, het daar begint te stormen en ze Jezus over het kolkende water zien  lopen. Met een ‘Wees niet angstig, ik ben het’, stelt hij ze gerust, maar direct hierna spreekt hij de mysterieuze woorden over brood dat zijn lichaam en wijn dat zijn bloed is. Door dit alles wordt de vraag ‘wie is deze Jezus?’ er bij de leerlingen alleen maar indringender door. Leeft die vraag ook bij ons nog?
In deze dienst vindt het ritueel van de handenwassing plaats.

Lezing: Johannes 6
Overweging: Henk Hillenaar

Zondag 29 maart – Stemmen uit de psychiatrie – LUISTERDIENST
‘Hoor je mij?’ Het is een vraag die – in vele varianten – klinkt in de kamers, separeerruimtes en op afdelingen van een psychiatrisch ziekenhuis. Dat kan een vraag zijn aan de Levende. Hoor je mij, ben je er, ook in deze wanhoop en duisternis; in dit zoeken naar hoop en naar licht? Maar het is ook een appel aan verpleegkundigen, behandelaars en, vanochtend, aan ons. Hoor je mij? Wil je mij horen? Wil je horen van mijn worsteling met wanhoop, vertwijfeling, angst en machteloosheid? Deze zondag luisteren we naar stemmen uit de psychiatrie. Stemmen die spreken van sporen van de Levende in hun bestaan.

Overweging: Remco Graat

Nieuwe serie: Uit het leven gegrepen

drie zondagen over het boek Spreuken

Het boek Spreuken wordt wel eens getypeerd als een bundeltje tegeltjeswijsheden. Een boek vol tweeregelige gezegden en levenslessen die prachtig op een tegeltje zouden passen. Met al die wijsheden van 31 hoofdstukken op tegeltjes zou je een imposante toren, misschien zelfs wel een stevige kerk kunnen bouwen. Wijsheid die staat als een huis.

Hoe mooi dat bouwwerk wellicht ook zou zijn, het is niet in de geest van het boek Spreuken. Want in dat boek is eerder sprake van een zoektocht dan van zeker weten. De talloze zegswijzen spreken elkaar zo nu en dan ook tegen. Het indrukwekkende van het boek Spreuken is niet dat daar nu eens alles duidelijk op een rij staat, zodat je je de rest van je leven geen vragen meer hoeft te stellen. Het boek is geschreven vanuit levenservaring.

En het is niet God die de mensen influistert wat hoognodig gezegd moet worden. De woorden gaan van mens tot mens, van vader op zoon, van generatie naar generatie. Maar de basis is: ‘ontzag voor de Levende is het begin van alle wijsheid’. Het begint, zoals steeds, bij de Tora. Spreuken probeert de Tora een plek te geven in de dagelijkse werkelijkheid.

Wijsheid is een vrouw. Dat is niet typisch voor het boek Spreuken, want Sofia en Sapientia zijn ook vrouwelijke woorden. Maar in het boek Spreuken wordt Vrouwe Wijsheid ten tonele gevoerd. Zij is de vrouwelijke kant van de Levende, heeft samen met de Levende hemel en aarde geschapen en is samen met de Levende nog steeds bij de aarde en de mensen op scheppende wijze betrokken.

Zondag 9 februari – Wijsheid als de geest van de Levende

Vrouwe Wijsheid doet haar oproep aan alle mensen. Gebruik je gezond verstand, doe geen domme en dwaze dingen. Het is geen oproep tot een vroom leven, veel bidden of veel in de Schrift lezen. Vrouwe Wijsheid roept op tot een bewust leven.

Lezing uit Spreuken 8
Overweging: Gerard Swüste

Zondag 16 februari – Het loflied op Vrouwe Wijsheid

Dit is de bekendste passage uit het boek Spreuken. Ook hier: Wijsheid is puur praktisch. Het gaat om wijs handelen. Dan ontstaat er een soort hemel op aarde waar alles in balans is. Dit is een wijsheid die gelukkig maakt.

Lezing: Spreuken 31: 10-31
Overweging: Eva Martens

Zondag 23 februari – Hoe God met Wijsheid hemel en aarde schiep

Een speels en ontroerend stukje theologie. Het heeft in de loop van eeuwen heel wat discussie opgeroepen. Maar het sluit helemaal aan bij Genesis 1:27: ‘En God schiep de mens als zijn beeld; als het beeld van God schiep hij hen; mannelijk en vrouwelijk schiep hij hen.’ God heeft hemel en aarde met Wijsheid geschapen. Het is aan de mens om, als beeld van God, met Wijsheid met die schepping om te gaan.

Lezing: Spreuken 8:22-36
Overweging: Judith van der Wel

Nieuwe Serie: God anno 2.0

Over een verdwenen God en God als open einde, over zwijgen en spreken en de weg van bevrijding Een God die in mensen beweegt en onze verbeelding een kritische spiegel voorhoudt

Of je nu in een kerk komt of niet, wat wij geloven of niet geloven is niet in een paar woorden te zeggen. Als het over God gaat, bestaan er onder kerkgangers even verschillende gedachten en ervaringen als overal elders. Geloven wij in een God die bestaat of is ’bestaan’ als het over God gaat niet het goede woord? Al ervaren we Gods aanwezigheid in het hele leven, in mens en natuur, in heden en toekomst, dan nog blijft God ongrijpbaar verborgen en in essentie een mensenwoord.

Ook onze verbeelding speelt een rol. God komt tot aanschijn vanuit onze verwondering om alles wat bestaat. In ons verlangen als mens geborgen te zijn, in onze hoop op een toekomst van gerechtigheid en vrede die er nu nog niet zijn en ook in ons besef dat we ondanks alle verdeeldheid in de wereld uit dezelfde grond geboren zijn.

Maar God wordt ook misbruikt door wie zich teveel ‘verbeeldt’, voor macht en geweld. Mede daarom is ons godsgeloof altijd in verandering, willen we er soms niet mee te maken hebben en is het noodzakelijk ons telkens opnieuw te bezinnen in een wereld waarin God voor menigeen ‘verdween’ en een verwarrend woord werd.

Is God nog de God van onze jeugd of kan God ook meegroeien God in de tijd? Zoals in de verhalen van de Schrift een God van trekkers en nomaden een God van stedelingen en instituties werd, maar ook weer een God van bevrijding in plaats van ‘status quo’. Zo maken ook wij veranderingen door als het over God gaat. Kan God nog persoonlijk zijn, of spreken we liever in abstracties? Kunnen we over God maar het beste zwijgen of is het geboden over wat ons en onze wereld te boven gaat altijd opnieuw te blijven spreken?

In deze serie willen we kritische vragen stellen maar ook vieren en blijven zoeken. Misschien blijkt er dan toch iets te zeggen voor het wonderlijke talent van de liturgie boven onszelf uit te zingen en voor de ervaring van ‘mysterie’, maar ook tegendraads verlangen, gerechtigheid en verbinding een blijvende plaats in te ruimen. Als een persoonlijk appèI: in , voor en boven ons uit.

Vier zondagen houden we ons bezig met onze omgang met God, die nooit vaststaat. ‘’Die is, die was en die komen zal’’, zeiden ze vroeger. Een geheim dat we kunnen blijven zoeken, maar dat niet gauw zal worden gevonden. Misschien moet je dat laatste ook vooral niet willen.

Zondag 12 januari – God: Alles of Niets

Als God al schept, is het vooral onrust, lijkt het wel. Tussen culturen, tussen volken en soms ook nog in ons eigen hart. Zijn we zonder God beter af? Of zijn er toch goede redenen voor God plaats in te blijven ruimen? Een God die nooit is vast te leggen in een woord, maar een open einde heeft. Een God die nooit alleen maar ’is’, maar vooral ‘zal zijn’.

Lezingen uit Exodus 33 en Etty Hillesum, Het verstoorde leven
Overweging: Juut Meijer

Zondag 19 januari – God de Drie-Ene: dansen met God

Het lijkt een gekmakende stelling: God is Drie-Een. Maar je wordt er alleen maar kriegel van als je gaat rekenen. Als je gaat kijken, horen, ruiken, proeven en voelen dan zie je dat het klopt: altijd is er ruimte, vorm, leven. Altijd nodigt het je uit om mee te doen. En altijd gaat het je begrip te boven. Kun je leven zonder God? De vraag is ridicuul als je gaat zien dat God het leven zelf is.

Lezingen:Psalm 139 en Koos van Zomeren, Over meesjes.
Overweging: Arjan Broers

Zondag 26 januari – God de Bevrijder: actie en contemplatie

‘De behoefte aan God is de voornaamste behoefte van onze tijd’, stelt Roger Garaudy. ‘Het overleven van de mensheid en haar zin staan op het spel.’ Maar om wat voor God gaat het dan? In het evangelie is God allereerst een appèl. Jezus heeft slechts enkele woorden nodig om zijn leerlingen te leren bidden. Meteen daarop volgt de aansporing om in beweging te komen: ‘Zoek, en je zult vinden!’ Zo ook voor Garaudy: ‘Het heeft geen zin tegen iemand die geboeid is te zeggen: God bevrijdt je, als ik niets doe om zijn boeien te verbreken.’

Lezingen: Lucas 11, 1-10 en Roger Garaudy, Hebben wij God nodig? (1993)
Overweging: Germain Creyghton

Zondag 2 februari – God van Abraham, Isaak en Jakob en van jou en van mij

Ook al is God niet hetzelfde als een persoon, je kunt wel een persoonlijke band hebben met God. Hoe zou dat kunnen zijn? Wij blijven- net als Mozes – oeroude vragen stellen naar wie we zijn (wie ben ik om naar de farao te gaan om de Israëlieten te bevrijden?) en wie God is (wat zeg ik als ze mij vragen naar Uw naam?) – generatie op generatie. Middenin het geëngageerde verhaal van de uittocht blijkt God ook een God van personen te zijn. God kan op heel verschillende manieren betekenis hebben, voor ieder weer anders maar die God is niet zomaar los te verkrijgen Hij openbaart zich in verbond met al die zoekende, twijfelende, protesterende en getuigende zielen die voor ons kwamen.

Lezingen: Exodus 3 en Nadia Bolz-Weber en Rachel Held Evans
Overweging: Claartje Kruijff

Open voor het onverwachte – Advent en Kerst 2019

Maar wie de Levende verwacht krijgt nieuwe kracht: hij slaat zijn vleugels uit als een adelaar, hij loopt maar wordt niet moe, hij rent maar raakt niet uitgeput.” Jes. 40,31

Advent is in het liturgische jaar de tijd van verwachting, ruimte maken in onszelf voor een nieuw begin. We lezen in het evangelie van Lucas de aankondigingen van de geboorte van Johannes en van Jezus. In beide situaties is de zwangerschap onverwacht. Het doorbreekt het normale en is daarmee ook ongemakkelijk; zowel Zacharias als Maria reageren aanvankelijk met verzet in de trant van: “hoe kan dat nu waar zijn?” Misschien herkennen we allemaal wel iets van die houding. Als een onverwachte gebeurtenis zich voordoet, die je leven op z’n kop zet, hebben we gemakkelijk de neiging te willen vasthouden aan het oude. Maar de schok gaat in de verhalen in het begin van het Lucas-evangelie over in het verwachten van het onverwachte, de zwangerschappen staan symbool voor het aanvaarden van het mysterie en het antwoord geven op een onvermoede roeping.

Ontvankelijk zijn is niet gemakkelijk in een tijd waarin beheersing en eigen keuzes centraal staan, waarin we veiligheid en voorspelbaarheid tot hoogste waarden hebben gekroond. En toch: de verhalen die we deze adventsperiode lezen kunnen ons meer zicht geven op wat zich in alle tijden aandient: onverwachte ontmoetingen en gebeurtenissen die ons vrij maken en ruimte scheppen voor leven op een nieuwe manier. Kan vandaag, in ons leven zo’n onverwachte gebeurtenis de bode zijn van een onvermoede roeping, of tot leven met nieuwe bezieling?

Wij vermoeden dat het voor jong en oud een verschil uitmaakt of we om kunnen gaan met het onverwachte dat op ons toe komt. Dat dat iets met geloof te maken heeft. En wat dat dan precies is en hoe je dat kunt oefenen? Dat gaan we met elkaar onderzoeken in deze advent.

De lezingen deze tijd worden gekozen uit het Lucasevangelie

Zondag 1 december, 1e Advent: Met stomheid geslagen
Tegen de achtergrond van het denken in termen van maakbaarheid, beheersing en meetbaarheid is het onverwachte als snel ongewenst. Iets anders krijgen dan op je verlanglijstje staat is een teleurstelling. Onverwacht bezoek is onhandig. En wat te denken van de niet verwachte zwangerschap in het begin van het Lucas-evangelie waarover we deze eerste zondag van de advent lezen? Tegelijk kan een onverwachte ontmoeting ook een onverwacht geschenk zijn. Een mislukking kan een nieuw perspectief openen, zicht geven op wat je nog niet kon zien. Omgaan met het onverwachte is leven tussen hoop en vrees. Hoe doe jij dat?

Lezing: Lucas 1: 5-25. De aankondiging aan Zacharias en Elisabeth.
Overweging door Marcel Elsenaar

Zondag 8 december, 2e Advent: De lofzang van Zacharias
Als we het ‘ik’ centraal stellen in wat we voelen, waarnemen, denken en doen, kunnen we dan nog ooit geraakt worden door iets nieuws, door een gebeuren dat ons bestaan in een nieuw perspectief stelt? Zacharias ziet eerst samen met zijn vrouw Elisabeth geen toekomst meer: ze zijn oud, hun leven is ‘voltooid’. Als hem de geboorte van een kind wordt aangekondigd, wil hij daar eerst niets van weten. In het verhaal wordt hem dan letterlijk het zwijgen opgelegd. De situatie verandert radicaal als hij samen met Elisabeth onverwacht toch een zoon krijgt en vader wordt. Het zwijgen slaat om in lofzang en dankgebed om het bestaan, in een woordenwaterval waarmee alles wat hij voelt, waarneemt, denkt en doet even radicaal van betekenis verandert.

Lezing: Lucas 1: 57-80
Overweging door Germain Creyghton

Zondag 15 december, 3e Advent: De annunciatie en het Magnificat
De annunciatie is haast nog bekender als beeld dan als verhaal. Annunciatie-iconen zijn er in allerlei soorten. Zelfs in de klassieke iconen is er variatie: die prachtige van Fra Angelico met Maria, al een vrouw, en de engel net aangevlogen met een duifje met goud; of de Taizé icoon, Maria en de engel haast als vrienden; of soms is de engel net weg en zie je Maria die, bijbel op schoot, de woorden in haar hart bewaart. Interpretaties die verschillende aspecten van het verhaal uitlichten. In de moderne varianten speelt men vaak ook met het verhaal zelf. Soms verdwijnt de engel compleet uit het scenario, bijvoorbeeld met Maria als girl next door die de pil is vergeten; of je ziet Maria met haar vriendin en een buisje sperma.
Traditioneel zijn iconen vergezichten op God en het leven vanuit de diepste dimensie (liefde, licht). Wat zien we eigenlijk, als we erdoorheen kijken?

Lezing: Lucas 1: 26-56
Overweging door Annewieke Vroom

Zondag 22 december, 4e Advent: Marta en Maria. Meditatieve viering
In deze laatste viering vlak voor kerst kijken we met Marta en Maria hoe we in deze drukke tijd van kerstdiners, Open Huis, cadeaus, versiering, boodschappenlijstjes nog steeds kunnen oefenen in het openstaan voor wat op ons toekomt. Hoe houd je ondanks, of dankzij, of misschien juist zonder planning ruimte voor het mysterie van kerstmis, de komst van de Messias?

Lezing: Lucas 10
Overweging door Eva Martens

De vieringen met Kerstmis, Oudjaar en Driekoningen sluiten bij deze serie aan:

Dinsdag 24 december, Kerstavond, 19.00 en 22.00
Voor deze diensten worden toegangskaarten verkocht op 8, 15 en 22 december – klik daarvoor hier

Overweging door Henk Hillenaar
Voor meer informatie klik hier

Zondag 29 december, Oudjaar

Overweging door André Wesche

Zondag 3 januari, Epifanie

Overweging door Agnes Grond

Nieuwe Serie: Water

Waterstromen en woestijnen – water in tijden van klimaatcrisis

 project: ID 140877903 © Rasica | Dreamstime.com

Door de hele bijbel heen vinden we beelden van de belangrijke rol die water speelt in de schepping. Water als een oerzee, een grote vloed, stromende rivieren, een zee die splijt, en bronnen die levend water geven. Water is een bron van leven én een bedreigende factor en waar we niet zonder kunnen.

Hetzelfde beeld komt naar voren als je de kranten doorbladert. De klimaatcrisis zorgt voor grote onvoorspelbare veranderingen in de waterstromen, zorgt voor extreem weer en zeespiegelstijging, voor extreme droogte en grote afname van biodiversiteit.

In deze serie staan we stil bij het water. Niet alleen vanuit het perspectief van de mens, maar ook vanuit het perspectief van de schepping. Alles wat in beweging is maakt ons duidelijk hoe ons leven verbonden is met het geheel. De huidige situatie vraagt om een ommekeer in onze manier van denken en doen. Wat geeft ons hoop in de scenario’s waar we mee te maken kunnen krijgen. En misschien is het water, de rivier ook een inspirerend symbool voor onze innerlijke houding, een ommekeer die al in de doop tot uitdrukking komt?

Zondag 10 november: Water als bron en bedreiging

Bijbelse verhalen gaan vooral over mensen en hun onderlinge verhoudingen. Toch zijn er een paar verhalen die laten zien hoe het lot van mensen verbonden is met dat van de hele schepping. Er wordt zelfs een verband gelegd tussen natuurrampen en menselijk gedrag. Welke inzichten verliezen we telkens weer uit het oog, als het gaat over de relatie mens en natuur? Wat hebben de veranderende waterstromen ons te vertellen?

Lezing: Habakuk 3 & De Muur, John Lanchester
Overweging door Marcel Elsenaar

Zondag 17 november: Waar zullen wij onze hoop op vestigen?

Als water schaarser wordt in grote wereldsteden en op het platteland, als de zeespiegel stijgt in de delta’s waar we wereldsteden hebben gebouwd, wat zal dat met ons doen? Luisteren we naar de technici die werken aan oplossingen, of naar de onheilsprofeten die oproepen tot gedragsverandering? Of kunnen we er op vertrouwen dat God nooit laat varen, het werk van zijn handen? Waar zullen we onze hoop op vestigen, en hoe kunnen we ook goed zorgen voor jongere generaties?

Lezing: Jona 2: het gebed van Jona & Hoop, Joris Luyendijk
Overweging door Juut Meijer

Zondag 24 november: Worden als het water (doopviering)

Water heeft een belangrijke plaats in tal van tradities. Confucius, een van de belangrijkste Chinese denkers, roept ons op ons op naar een rivier te kijken om te leren hoe we moeten leven. In onze eigen joods-christelijke traditie vervult water een belangrijke functie bij het doopritueel en is levend water beeldspraak voor God. Hoe kan water ons inspireren, spiegelen, helen?

In deze dienst worden 7 kinderen gedoopt en 1 kind gezegend.

Lezing: Ezechiël 47: 1-12 & Confucius en de loop van het water
Overweging door Colet van der Ven

Achtergrond:
Deze serie is geïnspireerd door de Internationale conferentie die het studiecentrum voor duurzaamheid en theologie organiseert op 6 november, waarbij patriarch Bartholomeus van de Orthodoxe kerken en kardinaal Turkson aanwezig zullen zijn, met afgevaardigden van een aantal grote wereldsteden die elk een watervraagstuk zullen inbrengen . www.vu.nl/watersymposium

Credit photo: project: ID 140877903 © Rasica | Dreamstime.com

Nieuwe serie: Emoties…

Iets gaat je aan…

Literatuur, film, muziek maar ook de bijbel zijn doordrenkt van emoties, door de filosoof Frans Jacobs bondig omschreven als “Iets gaat je aan, er is iets mee, en je wilt iets doen”.

En dat we geraakt zijn en willen handelen wordt zichtbaar in ons lichaam. Onze gezichtsuitdrukking verandert, we blozen of bibberen, we krimpen in elkaar of strekken onze handen uit. Het zijn uitingen van wat zich op dat moment in ons binnenste afspeelt.

Angst, vreugde , schaamte, verdriet en woede zijn vijf basisemoties waarmee ieder mens in zijn leven te maken krijgt. Hoe kleuren deze emoties ons handelen, onze relaties, ons Godsbeeld? Wat hebben ze ons te zeggen, wat kunnen we van hen leren, en hoe kunnen we er op een constructieve manier mee omgaan?

Zondag 6 oktober: Angst

Het woord angst stamt af van angustia dat nauwte betekent. Het spectrum van benauwenissen dat we kennen is groot. Varieert van extreem tot irreëel tot meer ‘gewoon’ als angst voor eenzaamheid, ziekte en verlies. Maar zijn angsten alleen maar benauwend en verstikkend of kunnen ze ook bevrijdend werken? Wie zouden we zijn zonder onze angsten?

Lezing: Rex Brico: Ontmoetingen aan de Jabbok, Jeremia 1: 4-10

Overweging door Colet van der Ven

Zondag 13 oktober: Vreugde

Jezus zegt tegen de Samaritaanse vrouw: wie dit water drinkt dat ik te drinken geef zal nooit meer dorst krijgen. Vreugde is iets anders dan alle hoogtepunten en successen die we met elkaar op social media delen. Het is ook niet perse hetzelfde als genieten. En het is ook niet het tegenoverstelde van verdriet, geloof ik. Laten we samen wat dieper nadenken over vreugde.

Lezing: Johannes 4: 5-15

Overweging door Claartje Kruijff

Zondag 20 oktober: Woede

Woede ontstaat uit gefrustreerde verlangens en teleurgestelde liefde. Wanneer woede vooral door eigenbelang en eigenliefde gevoed wordt, kan dit gevoel al gauw ook gevaarlijk zijn. Een extreem voorbeeld hiervan vinden we in het beroemde verhaal van Herman Melville over kapitein Achab die, in zijn woedende en wraakzuchtige strijd met de witte walvis Moby Dick, niet alleen zichzelf maar de gehele bemanning van zijn schip mee de dood injaagt. Wanneer daarentegen in iemands woede de liefde voor de ander die de woede wekt toch belangrijk blijft, kan woede in vergeving verkeren en zelfs het begin zijn van nieuw leven, nieuwe liefde. Een extreem voorbeeld hiervan is Gods eigen woede zoals die door de profeet Hosea verhaald wordt.

Hosea 2

Overweging door Henk Hillenaar

Zondag 27 oktober: Schaamte

Schaamte is een tweesnijdende emotie, enerzijds kan iemand zich letterlijk ‘dood schamen’ – een levensgevaarlijke emotie, die mensen ten gronde kan richten. In die zin is schaamte een volksgericht tegen alles wat afwijkt van het ‘normale’ en ‘collectieve’.

Anderzijds kan schaamte ook een intuïtieve functie vervullen – je kan je als Nederlander schamen voor het slavernijverleden, terwijl je persoonlijk niet schuldig bent. Genesis begint zo ongeveer met schaamte, en wij kunnen dat boek nog lang niet sluiten.

Lezing: Genesis

Overweging door Stephan Sanders

Zondag 3 november, Allerzielen: Verdriet

Verdriet is de keerzijde van liefde; liefde die pijn doet omdat we degene die we liefhebben zo node missen. In de Bijbel komen we wonderlijke verhalen tegen waarin de dood wordt overwonnen, waarin de dood maar een tijdelijke ‘slaaptoestand’ is die met een eenvoudig woord teniet gedaan kan worden. Maar wat kunnen we daar vandaag mee, hoe kunnen we troost vinden in die verhalen juist wanneer we in deze viering de namen noemen, hardop of in stilte, van degenen die we hebben verloren, die niet meer wakker zullen worden hoe graag we dat ook zouden willen? In de laatste van de serie over emoties verkennen we verdriet. Ieders verdriet is uniek, zoals geen twee liefdes hetzelfde zijn. Toch delen we de ervaring met allen en is de traditie van Allerzielen en de soortgelijke en vroegere vormen van dit feest eeuwenoud en universeel: samen te gedenken, verdriet en verhalen te delen, het leven te vieren, met elkaar verbonden te zijn en met hen die we missen.

Lezing: Johannes 11: 1-44

Overweging door Eva Martens

(afbeelding naar Chagall: Elijah op Karmel, ets – tekening door F. Lobbrecht)

Nieuwe serie: Huis gezocht

Toen zag ik de heilige stad, het nieuwe Jeruzalem, uit de hemel neerdalen, bij God vandaan. Ze was als een bruid die zich mooi heeft gemaakt voor haar man en hem opwachtOpenbaring 2:21

 

 “Omdat we van onszelf geen huis zijn’’

– Rutger Kopland

Huis gezocht

Ieder mens zoekt een huis om in te wonen. Een dak boven het hoofd. Geborgenheid. Waar je je prettig voelt, welkom en beschermd.

Maar ook woorden die als een huis zijn, zoeken we. Die richting en houvast geven, waar je in en uit kunt gaan. In een wereld die bepaald niet altijd vanzelf een thuisgevoel met zich meebrengt.

Dichter Rutger Kopland bracht ergens een aantal gedichten bijeen onder de titel: ‘’Omdat we van onszelf geen huis zijn’’. Hij, die aan de ene kant afscheid nam van de waarheden van zijn jeugd, God en ook de kerk, bleef aan de andere kant steeds op zoek. Hoewel het paradijs op de manier van zijn jeugd niet langer bestond, en ook de superieure God niet – bleken de woorden uit zijn verleden in zijn dichterschap steeds iets te zijn om op terug te grijpen en ook een bron van verlangen te kunnen zijn. Alsof het heimwee naar wat ooit was, op zichzelf ook helpen kan. En oude woorden toch waardevol kunnen blijven als we betekenis willen blijven zoeken voor ons leven, voor wie we zijn en kunnen worden.

Ook in de Schrift is het huis niet altijd even stevig. Het kan op een rots worden gebouwd, maar ook op het zand. Ook in de verhalen van de Schrift wordt gevonden en verloren. Woorden kunnen staan als een huis, maar ze zijn ook aan verwering onderhevig.

Toch noemen wij een kerk een godshuis. Waar we gemeenschap proberen te zijn, ook al is die er buiten dikwijls niet en schudt die kerk ook op haar grondvesten. Kennelijk bouwen we huizen die ook weer kunnen schudden op hun grondvesten en vaak ook weer opnieuw moeten worden opgebouwd.

Aan het begin van een nieuw liturgisch jaar willen we een poging wagen en proberen stil te staan bij de vraag, hoe wij ons huis zoeken en vinden.

 

Zondag 1 september: In een woord wonen

In onze tijd waarin houvast veel gezocht wordt uiterlijke materie en verbeelding meer en meer plaatsmaakt voor wat meetbaar en waarneembaar is, groeien nog maar weinigen op met de grote verhalen. Ook de christelijke worden dikwijls niet meer herkend en raken zoek. Maar op deze eerste zondag van het nieuwe seizoen willen we toch starten met de vraag naar die verhalen. Kunnen zij voor ons nog een huis vormen? Zijn er verhalen waarin je wonen kunt?

In deze viering zijn er twee volwassenen die zullen worden gedoopt.

Lezing: Deuteronomium 6 en Mattheus 7:24 – 27

Overweging door Juut Meijer

 

Zondag 8 september: Thuis in de gemeenschap

‘Zijn er twee of drie bijeen in mijn naam, dan ben ik in hun midden.’ Thuis zijn betekent in het evangelie vooral thuis geven. Niet eerst bij jezelf of in jezelf verblijven, maar delen wat je hebt en zo gemeenschap vormen. Wat betekent dat nog concreet voor ons, in onze individualistische samenleving? Wat betekent het voor kerkgemeenschappen die steeds kleiner worden en steeds meer op zichzelf zijn aangewezen? We laten ons inspireren en bemoedigen door de gemeenterede in het evangelie van Mattheüs.

Lezing: Mattheüs 18:1-19

Overweging door Germain Creyghton

 

Zondag 15 september: Thuis op deze aarde

De branden in de Amazone, de hitte in eigen land van deze zomer: de wereld voelt in toenemende mate onherbergzaam. Nu biedt de christelijke traditie , op een andere manier, ruimte aan het idee dat deze wereld inderdaad niet ons thuis is: wij gelovigen zijn niet van deze wereld, we blijven vreemdeling, ons thuis is elders. Het is een sympathieke traditie, in de zin dat het kan voorkomen dat we zouden denken dat de aarde van ons is. Aan de andere kant: vraagt deze tijd van klimaatverandering niet ook juist omarming van de aarde als ons thuis? hoe kunnen we thuis zijn op een aarde die ook onherbergzaam is?

Lezing: Johannes 17:9-19

Overweging door Janneke Stegeman

 

Zondag 22 september: Huis voor jong en oud.

Dit huis vol mensen. Weet jij wie het zijn? Ik mag het hopen.

In ons huis is iedereen welkom. Jong en oud. Soms lijkt het of onze gemeente steeds ouder wordt En misschien is dat ook zo. Maar dan ineens na de vakanties duiken ineens de jonge gezinnen weer op en delen kinderen brood en wijn. Niet voor niets kennen wij een traditie waarin wij kinderen betrekken bij de viering. Centraal op het podium om de tafel heen en bij bijzondere vieringen. Ook de bijna twintigers duiken ineens op rondom hoogtijdagen en open huis. Vandaag is de twaalfjarigenviering. In deze dienst viert Dunya dat zij naar de middelbare school gaat. Zij koos voor het verhaal van Esther. Vanuit dat verhaal zullen wij vandaag ook aandacht besteden aan het thema van de vredesweek 2019: vrede verbindt over grenzen.

Lezing: Esther

Overweging door Alle van Steenis

 

Zondag 29 september: Thuis in je ware zelf

’Waar ben je echt thuis? Niet in je valse, maar in je ware zelf, leerde de Amerikaanse monnik Thomas Merton. Niet bij de duivel, maar bij God, leerde Franciscus van Assisi. Niet als afgeknipte wijnrank, maar als deel van de wijnstok, leerde Jezus Christus. Arjan Broers proeft de metaforen en overweegt waarom ze zo waar én zo moeilijk zijn.’

Lezing: Fioretti XXIX (over Franciscus van Assisi) en Johannes 15:1-12

Overweging door Arjan Broers

 

(afb. uit Caroline Waltman, PARADISEWILL.COM – de bijbel in 609 foto’s en 830 verzen)

In memoriam Jan Nieuwenhuis (o.p.)

Jan Nieuwenhuis, foto Arjan Broers

Jan Nieuwenhuis, foto Arjan Broers

Zelf geloofde hij niet in de dood. “Een mens is veel meer dan een machine, een lichaam. Ook in Jezus’ eigen einde komt het niet voor. Hij geeft zijn leven, deelt het uit. Die denkwereld is door de Grieken verwoord: de dood bestaat niet.(…) Ik hoop oprecht dat wanneer het echt komt, heel veel mensen in de Dominicus feest gaan vieren en misschien doe ik dan ook wel een beetje mee. Ik geloof ook niet dat ik er bang voor ben. Zou niet weten waar ik bang voor zou moeten zijn.”

In de Dominicusgemeente in Amsterdam is (desalniettemin) verslagen gereageerd op het overlijden van haar pater familias Jan Nieuwenhuis, ere-voorganger en oud-lid van het Liturgisch Team. Jan Nieuwenhuis overleed in de vroege ochtend van 24 augustus in Nijmegen. Hij was priester, pastor, auteur en een van de grondleggers van de oecumenische gemeente. Hij schreef een dissertatie, boeken, preken, gaf leerhuizen en bleef nog ver na zijn tachtigste jaar publiceren. Zijn visie op het priesterschap liep als een rode draad door zijn leven en werk en deed regelmatig veel stof opwaaien.

Jan Herman Maria Nieuwenhuis werd geboren in Amsterdam op 31 januari 1924. Toen hij 17 jaar was, trad hij in Huissen in de Orde van de Dominicanen in, waar hij precies een jaar later in september 1942 de professie aflegde. Tijdens de priesteropleiding van zeven jaar studeerde hij theologie en filosofie.
In 1948 werd hij tot priester gewijd. Door die wijding werd Jan Nieuwenhuis voor zijn omgeving een persoon die ver boven andere mensen verheven was. Destijds was dat vanzelfsprekend, maar hijzelf heeft het idee later ‘godzijdank helemaal verlaten.’ Als hij sprak over de priesterwijding vertelde hij vrijwel altijd het verhaal van zijn tante Annie, de jongste zus van zijn moeder, die als verpleegster hem mede ter wereld had geholpen. ‘Toen ik na de wijding de spreekkamer binnenkwam waar mijn familie zat en iedereen op de knieën zonk om de zegen te ontvangen, riep tante Annie uit: ‘Och god, mijn Jantje!’ Ik was ineens geen Jantje meer, maar tot een andere dimensie overgegaan.’

Na zijn lectoraatsexamen in 1949 zette Jan Nieuwenhuis zijn theologische studies voort aan het Angelicum in Rome. Twee jaar later promoveerde hij op de dissertatie ‘De Kunst van God.’ Teruggekomen uit Rome werd Nieuwenhuis benoemd tot redactiesecretaris van de Bazuin, een progressief katholiek tijdschrift waarin geschreven werd over moderne vormen van geloofsverkondiging. Zijn eigen opvattingen over het priesterschap waren toen al geruime tijd aan het wankelen. De redactie van de Bazuin liet zich inspireren door het Tweede Vaticaans Concilie van 1962-1965. Het tijdschrift had eveneens zijn zetel in Nijmegen.
In 1964 besloten provinciaal Frans van Waesberghe en het concilie dat Jan Nieuwenhuis samen met drie andere dominicanen naar de noodlijdende rooms-katholieke parochie in de Dominicuskerk in Amsterdam moest worden overgeplaatst. Onder leiding van studentenpastor Wim Tepe zetten ze voort wat gebruikelijk was, zoals dagelijks meerdere missen en het bidden van het rozenhoedje.
Het toeval wilde dat de Jezuïet Bernard Huijbers een onderkomen zocht voor zijn koor van jongens van het Ignatius College en meisjes van het Fons Vitae. Wim Tepe, wiens koor was vertrokken omdat het geen Nederlandse liederen wilde uitvoeren, bood Huijbers enthousiast onderdak aan. Met Huijbers kwamen ook de liederen en liturgische vernieuwingen van Huub Oosterhuis de kerk binnen. Al snel werden liturgische gebruiken overboord gezet en nieuwe elementen geïmporteerd. De invoering van ‘meer bijbel’ en minder devotie is achteraf een enorm richtinggevend besluit geweest.
Zo ontstond op organische wijze een opmerkelijk samenwerkingsverband tussen dominicanen en jezuïeten dat veel mensen aantrok.

Als het om de groei en ontwikkeling van de Dominicusgemeente ging, benadrukte Jan Nieuwenhuis altijd dat ze ‘door een hemelse helikopter waren gedropt’ en ‘het allemaal als vanzelf is gegaan’. Besluiten werden democratisch genomen, zoals het voorgaan van vrouwelijke pastores en delen van brood en wijn aan en door alle bezoekers, homo of hetero, rooms-katholiek, protestant of buitenkerkelijk. ‘Het wezen van de eucharistie is dat je jezelf breekt, deelt, uitgeeft, prijsgeeft,’ zei Nieuwenhuis daarover.
Dat kinderen er nog steeds een belangrijke plaats hebben, kan op Nieuwenhuis’ conto worden geschreven. Jarenlang hield hij zich bezig met geloofsoverdracht aan ‘kleine gelovigen’ en voerde hij gesprekken met priesters, ouders en onderwijzers.
In de beginjaren van de huidige Dominicusgemeente werkte hij bij het Bureau Algemene Jeugdzielzorg in Arnhem. In die tijd publiceerde hij het boek Volgend jaar misschien. Geloven tussen twaalf en zeventien jaar. In de jaren zeventig en tachtig verschenen Terwijl de boer slaapt en Twee geloven in een huis over geloofsopvoeding respectievelijk ‘het geloof van de tussengeneratie’. Jan Nieuwenhuis is nog jarenlang pastor voor jongeren op een middelbare school in Amstelveen geweest.

Gefascineerd als hij was door Johannes schreef hij diverse boeken over de apostel. In 2004 verscheen Johannes de Ziener en eerder publiceerde hij al een drieluik over de geschriften van zijn naamgenoot: zijn evangelie, brieven en openbaringen. Sinds Johannes en zijn visie hem hebben gegrepen zijn zij hem altijd blijven inspireren.
In 2007 publiceerde hij met drie medebroeders de brochure Kerk & Ambt over het tekort aan priesters en de lastige celibaatwetdiscussie. Kernstuk van de brochure was dat de gemeente zelf haar voorganger moest kunnen kiezen, mogelijk later te bevestigen door een bisschop. Het resultaat was een berisping door kardinaal Simonis en zelfs kritiek vanuit de Orde der Dominicanen. Volgens Nieuwenhuis had dat laatste te maken met het feit dat de orde zich – onder druk van het Vaticaan – formeel wel moest distantiëren.
De ongenadige kritiek deerde hem niet, mede omdat de auteurs onwaarschijnlijk veel instemming kregen van over de hele wereld. De brochure werd in zeven talen vertaald en was op alle mogelijke internetsites te vinden. Volgens Nieuwenhuis ‘deed de brochure ondergronds haar werk’.

Jan Nieuwenhuis vond dat de wijze waarop de Dominicusgemeente zich heeft ontwikkeld, de manier van kerk-zijn van de toekomst is. Hij was er heilig van overtuigd dat ‘de kerk horizontaal hoort te zijn, met mensen die elkaar van dienst willen zijn. Dat wij dat als Dominicus met elkaar proberen te doen, met elkaar en met een enorme solidariteit, vind ik een wezenlijk iets van wat een kerk is. De piramideachtige kerk met één iemand aan het hoofd, is passé.’

Jan Nieuwenhuis - Dominicus Amsterdam

Foto: Jan Nieuwenhuis houdt in 2009 op de berg Nebo (Jodanië, op de ‘vlakte van Moab’) – waar Mozes volgens Deuteronomium 34 is gestorven – een overweging over Mozes’ dood: ‘aan de mond van God’, in een ‘goddelijke kus’.