foto-links

raamdom-gr

Nieuwe serie: Emoties…

Iets gaat je aan…

Literatuur, film, muziek maar ook de bijbel zijn doordrenkt van emoties, door de filosoof Frans Jacobs bondig omschreven als “Iets gaat je aan, er is iets mee, en je wilt iets doen”.

En dat we geraakt zijn en willen handelen wordt zichtbaar in ons lichaam. Onze gezichtsuitdrukking verandert, we blozen of bibberen, we krimpen in elkaar of strekken onze handen uit. Het zijn uitingen van wat zich op dat moment in ons binnenste afspeelt.

Angst, vreugde , schaamte, verdriet en woede zijn vijf basisemoties waarmee ieder mens in zijn leven te maken krijgt. Hoe kleuren deze emoties ons handelen, onze relaties, ons Godsbeeld? Wat hebben ze ons te zeggen, wat kunnen we van hen leren, en hoe kunnen we er op een constructieve manier mee omgaan?

Zondag 6 oktober: Angst

Het woord angst stamt af van angustia dat nauwte betekent. Het spectrum van benauwenissen dat we kennen is groot. Varieert van extreem tot irreëel tot meer ‘gewoon’ als angst voor eenzaamheid, ziekte en verlies. Maar zijn angsten alleen maar benauwend en verstikkend of kunnen ze ook bevrijdend werken? Wie zouden we zijn zonder onze angsten?

Lezing: Rex Brico: Ontmoetingen aan de Jabbok, Jeremia 1: 4-10

Overweging door Colet van der Ven

Zondag 13 oktober: Vreugde

Jezus zegt tegen de Samaritaanse vrouw: wie dit water drinkt dat ik te drinken geef zal nooit meer dorst krijgen. Vreugde is iets anders dan alle hoogtepunten en successen die we met elkaar op social media delen. Het is ook niet perse hetzelfde als genieten. En het is ook niet het tegenoverstelde van verdriet, geloof ik. Laten we samen wat dieper nadenken over vreugde.

Lezing: Johannes 4: 5-15

Overweging door Claartje Kruijff

Zondag 20 oktober: Woede

Woede ontstaat uit gefrustreerde verlangens en teleurgestelde liefde. Wanneer woede vooral door eigenbelang en eigenliefde gevoed wordt, kan dit gevoel al gauw ook gevaarlijk zijn. Een extreem voorbeeld hiervan vinden we in het beroemde verhaal van Herman Melville over kapitein Achab die, in zijn woedende en wraakzuchtige strijd met de witte walvis Moby Dick, niet alleen zichzelf maar de gehele bemanning van zijn schip mee de dood injaagt. Wanneer daarentegen in iemands woede de liefde voor de ander die de woede wekt toch belangrijk blijft, kan woede in vergeving verkeren en zelfs het begin zijn van nieuw leven, nieuwe liefde. Een extreem voorbeeld hiervan is Gods eigen woede zoals die door de profeet Hosea verhaald wordt.

Hosea 2

Overweging door Henk Hillenaar

Zondag 27 oktober: Schaamte

Schaamte is een tweesnijdende emotie, enerzijds kan iemand zich letterlijk ‘dood schamen’ – een levensgevaarlijke emotie, die mensen ten gronde kan richten. In die zin is schaamte een volksgericht tegen alles wat afwijkt van het ‘normale’ en ‘collectieve’.

Anderzijds kan schaamte ook een intuïtieve functie vervullen – je kan je als Nederlander schamen voor het slavernijverleden, terwijl je persoonlijk niet schuldig bent. Genesis begint zo ongeveer met schaamte, en wij kunnen dat boek nog lang niet sluiten.

Lezing: Genesis

Overweging door Stephan Sanders

Zondag 3 november, Allerzielen: Verdriet

Verdriet is de keerzijde van liefde; liefde die pijn doet omdat we degene die we liefhebben zo node missen. In de Bijbel komen we wonderlijke verhalen tegen waarin de dood wordt overwonnen, waarin de dood maar een tijdelijke ‘slaaptoestand’ is die met een eenvoudig woord teniet gedaan kan worden. Maar wat kunnen we daar vandaag mee, hoe kunnen we troost vinden in die verhalen juist wanneer we in deze viering de namen noemen, hardop of in stilte, van degenen die we hebben verloren, die niet meer wakker zullen worden hoe graag we dat ook zouden willen? In de laatste van de serie over emoties verkennen we verdriet. Ieders verdriet is uniek, zoals geen twee liefdes hetzelfde zijn. Toch delen we de ervaring met allen en is de traditie van Allerzielen en de soortgelijke en vroegere vormen van dit feest eeuwenoud en universeel: samen te gedenken, verdriet en verhalen te delen, het leven te vieren, met elkaar verbonden te zijn en met hen die we missen.

Lezing: Johannes 11: 1-44

Overweging door Eva Martens

(afbeelding naar Chagall: Elijah op Karmel, ets – tekening door F. Lobbrecht)

Vacature Werkgroep Pastoraat

In onze werkgroep is vanaf januari 2020 een vacature vanwege het vertrek van Olga Wagenaar. Daarom doen we een oproep aan u/jou om kennis te maken met deze werkgroep.

Een toelichting: In de werkgroep pastoraat komen zowel inhoudelijke onderwerpen met betrekking tot pastoraat (gemeenteopbouw, individueel, groepspastoraat) als praktische zaken van kerk-zijn aan de orde.

Wij zijn een klankbord voor de pastores en denken mee met de thema’s die zij op de agenda zetten. Een andere belangrijke activiteit is de opzet van het groepenprogramma. We hebben maandelijkse vergaderingen en af en toe is er overleg tussendoor in kleinere groepen.

Naast meedenken is er meedoen!

Wil je je tijd en kwaliteiten beschikbaar stellen voor de gemeente waarmee je je verbonden voelt, dan gaan we graag met je in gesprek. Nieuwkomers worden ook van harte uitgenodigd om te reageren. Een onbevangen kijk op alles wat er gaande is, kan onze blik verruimen.

 Je krijgt er veel voor terug:

– je kunt inbrengen wat jij belangrijk vindt voor onze gemeente

– je maakt deel uit van een enthousiaste groep mensen

– je legt nieuwe contacten

– je komt erachter wat er in de werkgroepen gebeurt

– je bent betekenisvol voor onze gemeente

Voor meer informatie graag bellen of mailen met Frans Toben – franstoben@gmail.com of Charlotte van Oostvogel – charlo@xs4all.nl 

Nieuwe serie: Huis gezocht

Toen zag ik de heilige stad, het nieuwe Jeruzalem, uit de hemel neerdalen, bij God vandaan. Ze was als een bruid die zich mooi heeft gemaakt voor haar man en hem opwachtOpenbaring 2:21

 

 “Omdat we van onszelf geen huis zijn’’

– Rutger Kopland

Huis gezocht

Ieder mens zoekt een huis om in te wonen. Een dak boven het hoofd. Geborgenheid. Waar je je prettig voelt, welkom en beschermd.

Maar ook woorden die als een huis zijn, zoeken we. Die richting en houvast geven, waar je in en uit kunt gaan. In een wereld die bepaald niet altijd vanzelf een thuisgevoel met zich meebrengt.

Dichter Rutger Kopland bracht ergens een aantal gedichten bijeen onder de titel: ‘’Omdat we van onszelf geen huis zijn’’. Hij, die aan de ene kant afscheid nam van de waarheden van zijn jeugd, God en ook de kerk, bleef aan de andere kant steeds op zoek. Hoewel het paradijs op de manier van zijn jeugd niet langer bestond, en ook de superieure God niet – bleken de woorden uit zijn verleden in zijn dichterschap steeds iets te zijn om op terug te grijpen en ook een bron van verlangen te kunnen zijn. Alsof het heimwee naar wat ooit was, op zichzelf ook helpen kan. En oude woorden toch waardevol kunnen blijven als we betekenis willen blijven zoeken voor ons leven, voor wie we zijn en kunnen worden.

Ook in de Schrift is het huis niet altijd even stevig. Het kan op een rots worden gebouwd, maar ook op het zand. Ook in de verhalen van de Schrift wordt gevonden en verloren. Woorden kunnen staan als een huis, maar ze zijn ook aan verwering onderhevig.

Toch noemen wij een kerk een godshuis. Waar we gemeenschap proberen te zijn, ook al is die er buiten dikwijls niet en schudt die kerk ook op haar grondvesten. Kennelijk bouwen we huizen die ook weer kunnen schudden op hun grondvesten en vaak ook weer opnieuw moeten worden opgebouwd.

Aan het begin van een nieuw liturgisch jaar willen we een poging wagen en proberen stil te staan bij de vraag, hoe wij ons huis zoeken en vinden.

 

Zondag 1 september: In een woord wonen

In onze tijd waarin houvast veel gezocht wordt uiterlijke materie en verbeelding meer en meer plaatsmaakt voor wat meetbaar en waarneembaar is, groeien nog maar weinigen op met de grote verhalen. Ook de christelijke worden dikwijls niet meer herkend en raken zoek. Maar op deze eerste zondag van het nieuwe seizoen willen we toch starten met de vraag naar die verhalen. Kunnen zij voor ons nog een huis vormen? Zijn er verhalen waarin je wonen kunt?

In deze viering zijn er twee volwassenen die zullen worden gedoopt.

Lezing: Deuteronomium 6 en Mattheus 7:24 – 27

Overweging door Juut Meijer

 

Zondag 8 september: Thuis in de gemeenschap

‘Zijn er twee of drie bijeen in mijn naam, dan ben ik in hun midden.’ Thuis zijn betekent in het evangelie vooral thuis geven. Niet eerst bij jezelf of in jezelf verblijven, maar delen wat je hebt en zo gemeenschap vormen. Wat betekent dat nog concreet voor ons, in onze individualistische samenleving? Wat betekent het voor kerkgemeenschappen die steeds kleiner worden en steeds meer op zichzelf zijn aangewezen? We laten ons inspireren en bemoedigen door de gemeenterede in het evangelie van Mattheüs.

Lezing: Mattheüs 18:1-19

Overweging door Germain Creyghton

 

Zondag 15 september: Thuis op deze aarde

De branden in de Amazone, de hitte in eigen land van deze zomer: de wereld voelt in toenemende mate onherbergzaam. Nu biedt de christelijke traditie , op een andere manier, ruimte aan het idee dat deze wereld inderdaad niet ons thuis is: wij gelovigen zijn niet van deze wereld, we blijven vreemdeling, ons thuis is elders. Het is een sympathieke traditie, in de zin dat het kan voorkomen dat we zouden denken dat de aarde van ons is. Aan de andere kant: vraagt deze tijd van klimaatverandering niet ook juist omarming van de aarde als ons thuis? hoe kunnen we thuis zijn op een aarde die ook onherbergzaam is?

Lezing: Johannes 17:9-19

Overweging door Janneke Stegeman

 

Zondag 22 september: Huis voor jong en oud.

Dit huis vol mensen. Weet jij wie het zijn? Ik mag het hopen.

In ons huis is iedereen welkom. Jong en oud. Soms lijkt het of onze gemeente steeds ouder wordt En misschien is dat ook zo. Maar dan ineens na de vakanties duiken ineens de jonge gezinnen weer op en delen kinderen brood en wijn. Niet voor niets kennen wij een traditie waarin wij kinderen betrekken bij de viering. Centraal op het podium om de tafel heen en bij bijzondere vieringen. Ook de bijna twintigers duiken ineens op rondom hoogtijdagen en open huis. Vandaag is de twaalfjarigenviering. In deze dienst viert Dunya dat zij naar de middelbare school gaat. Zij koos voor het verhaal van Esther. Vanuit dat verhaal zullen wij vandaag ook aandacht besteden aan het thema van de vredesweek 2019: vrede verbindt over grenzen.

Lezing: Esther

Overweging door Alle van Steenis

 

Zondag 29 september: Thuis in je ware zelf

’Waar ben je echt thuis? Niet in je valse, maar in je ware zelf, leerde de Amerikaanse monnik Thomas Merton. Niet bij de duivel, maar bij God, leerde Franciscus van Assisi. Niet als afgeknipte wijnrank, maar als deel van de wijnstok, leerde Jezus Christus. Arjan Broers proeft de metaforen en overweegt waarom ze zo waar én zo moeilijk zijn.’

Lezing: Fioretti XXIX (over Franciscus van Assisi) en Johannes 15:1-12

Overweging door Arjan Broers

 

(afb. uit Caroline Waltman, PARADISEWILL.COM – de bijbel in 609 foto’s en 830 verzen)

Collecte via Givt

Sinds begin september 2019 kunt u via uw mobiele telefoon bijdragen aan de collectes (ook vanaf thuis !) Dat gaat via de app Givt.

De handleiding vindt u hier

In memoriam Jan Nieuwenhuis (o.p.)

Jan Nieuwenhuis, foto Arjan Broers

Jan Nieuwenhuis, foto Arjan Broers

Zelf geloofde hij niet in de dood. “Een mens is veel meer dan een machine, een lichaam. Ook in Jezus’ eigen einde komt het niet voor. Hij geeft zijn leven, deelt het uit. Die denkwereld is door de Grieken verwoord: de dood bestaat niet.(…) Ik hoop oprecht dat wanneer het echt komt, heel veel mensen in de Dominicus feest gaan vieren en misschien doe ik dan ook wel een beetje mee. Ik geloof ook niet dat ik er bang voor ben. Zou niet weten waar ik bang voor zou moeten zijn.”

In de Dominicusgemeente in Amsterdam is (desalniettemin) verslagen gereageerd op het overlijden van haar pater familias Jan Nieuwenhuis, ere-voorganger en oud-lid van het Liturgisch Team. Jan Nieuwenhuis overleed in de vroege ochtend van 24 augustus in Nijmegen. Hij was priester, pastor, auteur en een van de grondleggers van de oecumenische gemeente. Hij schreef een dissertatie, boeken, preken, gaf leerhuizen en bleef nog ver na zijn tachtigste jaar publiceren. Zijn visie op het priesterschap liep als een rode draad door zijn leven en werk en deed regelmatig veel stof opwaaien.

Jan Herman Maria Nieuwenhuis werd geboren in Amsterdam op 31 januari 1924. Toen hij 17 jaar was, trad hij in Huissen in de Orde van de Dominicanen in, waar hij precies een jaar later in september 1942 de professie aflegde. Tijdens de priesteropleiding van zeven jaar studeerde hij theologie en filosofie.
In 1948 werd hij tot priester gewijd. Door die wijding werd Jan Nieuwenhuis voor zijn omgeving een persoon die ver boven andere mensen verheven was. Destijds was dat vanzelfsprekend, maar hijzelf heeft het idee later ‘godzijdank helemaal verlaten.’ Als hij sprak over de priesterwijding vertelde hij vrijwel altijd het verhaal van zijn tante Annie, de jongste zus van zijn moeder, die als verpleegster hem mede ter wereld had geholpen. ‘Toen ik na de wijding de spreekkamer binnenkwam waar mijn familie zat en iedereen op de knieën zonk om de zegen te ontvangen, riep tante Annie uit: ‘Och god, mijn Jantje!’ Ik was ineens geen Jantje meer, maar tot een andere dimensie overgegaan.’

Na zijn lectoraatsexamen in 1949 zette Jan Nieuwenhuis zijn theologische studies voort aan het Angelicum in Rome. Twee jaar later promoveerde hij op de dissertatie ‘De Kunst van God.’ Teruggekomen uit Rome werd Nieuwenhuis benoemd tot redactiesecretaris van de Bazuin, een progressief katholiek tijdschrift waarin geschreven werd over moderne vormen van geloofsverkondiging. Zijn eigen opvattingen over het priesterschap waren toen al geruime tijd aan het wankelen. De redactie van de Bazuin liet zich inspireren door het Tweede Vaticaans Concilie van 1962-1965. Het tijdschrift had eveneens zijn zetel in Nijmegen.
In 1964 besloten provinciaal Frans van Waesberghe en het concilie dat Jan Nieuwenhuis samen met drie andere dominicanen naar de noodlijdende rooms-katholieke parochie in de Dominicuskerk in Amsterdam moest worden overgeplaatst. Onder leiding van studentenpastor Wim Tepe zetten ze voort wat gebruikelijk was, zoals dagelijks meerdere missen en het bidden van het rozenhoedje.
Het toeval wilde dat de Jezuïet Bernard Huijbers een onderkomen zocht voor zijn koor van jongens van het Ignatius College en meisjes van het Fons Vitae. Wim Tepe, wiens koor was vertrokken omdat het geen Nederlandse liederen wilde uitvoeren, bood Huijbers enthousiast onderdak aan. Met Huijbers kwamen ook de liederen en liturgische vernieuwingen van Huub Oosterhuis de kerk binnen. Al snel werden liturgische gebruiken overboord gezet en nieuwe elementen geïmporteerd. De invoering van ‘meer bijbel’ en minder devotie is achteraf een enorm richtinggevend besluit geweest.
Zo ontstond op organische wijze een opmerkelijk samenwerkingsverband tussen dominicanen en jezuïeten dat veel mensen aantrok.

Als het om de groei en ontwikkeling van de Dominicusgemeente ging, benadrukte Jan Nieuwenhuis altijd dat ze ‘door een hemelse helikopter waren gedropt’ en ‘het allemaal als vanzelf is gegaan’. Besluiten werden democratisch genomen, zoals het voorgaan van vrouwelijke pastores en delen van brood en wijn aan en door alle bezoekers, homo of hetero, rooms-katholiek, protestant of buitenkerkelijk. ‘Het wezen van de eucharistie is dat je jezelf breekt, deelt, uitgeeft, prijsgeeft,’ zei Nieuwenhuis daarover.
Dat kinderen er nog steeds een belangrijke plaats hebben, kan op Nieuwenhuis’ conto worden geschreven. Jarenlang hield hij zich bezig met geloofsoverdracht aan ‘kleine gelovigen’ en voerde hij gesprekken met priesters, ouders en onderwijzers.
In de beginjaren van de huidige Dominicusgemeente werkte hij bij het Bureau Algemene Jeugdzielzorg in Arnhem. In die tijd publiceerde hij het boek Volgend jaar misschien. Geloven tussen twaalf en zeventien jaar. In de jaren zeventig en tachtig verschenen Terwijl de boer slaapt en Twee geloven in een huis over geloofsopvoeding respectievelijk ‘het geloof van de tussengeneratie’. Jan Nieuwenhuis is nog jarenlang pastor voor jongeren op een middelbare school in Amstelveen geweest.

Gefascineerd als hij was door Johannes schreef hij diverse boeken over de apostel. In 2004 verscheen Johannes de Ziener en eerder publiceerde hij al een drieluik over de geschriften van zijn naamgenoot: zijn evangelie, brieven en openbaringen. Sinds Johannes en zijn visie hem hebben gegrepen zijn zij hem altijd blijven inspireren.
In 2007 publiceerde hij met drie medebroeders de brochure Kerk & Ambt over het tekort aan priesters en de lastige celibaatwetdiscussie. Kernstuk van de brochure was dat de gemeente zelf haar voorganger moest kunnen kiezen, mogelijk later te bevestigen door een bisschop. Het resultaat was een berisping door kardinaal Simonis en zelfs kritiek vanuit de Orde der Dominicanen. Volgens Nieuwenhuis had dat laatste te maken met het feit dat de orde zich – onder druk van het Vaticaan – formeel wel moest distantiëren.
De ongenadige kritiek deerde hem niet, mede omdat de auteurs onwaarschijnlijk veel instemming kregen van over de hele wereld. De brochure werd in zeven talen vertaald en was op alle mogelijke internetsites te vinden. Volgens Nieuwenhuis ‘deed de brochure ondergronds haar werk’.

Jan Nieuwenhuis vond dat de wijze waarop de Dominicusgemeente zich heeft ontwikkeld, de manier van kerk-zijn van de toekomst is. Hij was er heilig van overtuigd dat ‘de kerk horizontaal hoort te zijn, met mensen die elkaar van dienst willen zijn. Dat wij dat als Dominicus met elkaar proberen te doen, met elkaar en met een enorme solidariteit, vind ik een wezenlijk iets van wat een kerk is. De piramideachtige kerk met één iemand aan het hoofd, is passé.’

Jan Nieuwenhuis - Dominicus Amsterdam

Foto: Jan Nieuwenhuis houdt in 2009 op de berg Nebo (Jodanië, op de ‘vlakte van Moab’) – waar Mozes volgens Deuteronomium 34 is gestorven – een overweging over Mozes’ dood: ‘aan de mond van God’, in een ‘goddelijke kus’.

In Memoriam Jan Nieuwenhuis

Jan Nieuwenhuis

Jan Nieuwenhuis, foto: Arjan Broers

Jan Nieuwenhuis (1924-2019) – Geliefd Dominicaan

In de oudste lagen van mijn ziel,
waar hij van stenen is gemaakt,
bloeit als een gaaf ontkleurd fossiel,
de stenen bloem van uw gelaat.

Ik kan mij niet van U bevrijden,
er bloeit niets in mijn steen dan Gij,
de oude weelden zijn voorbij.
Maar niets kan mij meer van U scheiden.
– Vasalis

Een geliefd Dominicaan en medegrondlegger van onze gemeente is van ons heengegaan. Op de vroege ochtend van 24 augustus overleed Jan Nieuwenhuis op 95-jarige leeftijd.

Zaterdag 31 augustus nemen we in de Dominicus afscheid van Jan Nieuwenhuis. De afscheidsdienst begint om 11:00 uur. U kunt hier thuis meeluisteren.  De orde van dienst vindt u hier

De begrafenis is aansluitend in besloten kring.


Wat is voor jou een zekerheid?

‘Dat de dood niet bestaat. Als je de verhalen van Jezus gaat lezen: daar komt het woordje dood niet in voor. Er zijn een aantal cruciale verhalen van Jezus waarin de dood voorkomt: het dochtertje van Jaïrus, de hofbeambte van Kafarnaüm, Lazarus. Het grote verhaal van Johannes: Ik hoef je natuurlijk niet te vertellen dat dat superieur is aan de andere!
Maar Jezus neemt het woordje dood nooit in zijn mond. Hij zegt tegen Jaïrus: ze slaapt. De hofbeambte van Kafarnaüm loopt het hele eind naar hem toe, maar Jezus blijft gewoon zitten. Ga maar naar huis, je knecht is beter. En Lazarus: Hoe Johannes daar over vertelt, vind ik adembenemend. Dat verhaal is grandioos. Drie dagen is Lazarus overleden. Maar Jezus zegt ook hier: hij slaapt. Hij weigert ze dood te noemen, als je die verhalen goed leest. De realiteit van wat wij dood noemen, weigert hij te accepteren. Ook in zijn eigen einde komt het niet voor. Jezus geeft zijn leven, deelt het uit. Die denkwereld is door de Grieken verwoord: de dood bestaat niet.’
Dus als je mij vraagt: er zal een dag aanbreken, dat dit lijf zegt: daag… Ik zou zeggen: drink allemaal een lekker glaasje…, maar ik ben niet dood. Een mens is veel meer dan die machine, dan dit.’
– 
Karin Kasdorp in gesprek met Jan Nieuwenhuis.

Jan Nieuwenhuis - Dominicus Amsterdam

Foto: Jan Nieuwenhuis houdt in 2009 op de berg Nebo (Jordanië, op de ‘vlakte van Moab’) – waar Mozes volgens Deuteronomium 34 is gestorven – een overweging over Mozes’ dood: ‘aan de mond van God’, in een ‘goddelijke kus’.

Zomerdiensten

Het is een traditie om in juli en augustus de diensten wat anders in te richten dan in de rest van het jaar. Het accent ligt meer op de lezingen. De lezingen worden vergezeld van kort commentaar.

zondag 7 juli                DROMEN OVER GRENZEN HEEN

Veel mensen zoeken in de zomer de grens op. Een grens passeren geeft een vrij gevoel. Deze eerste zomerdienst gaat ook over grenzen: over dromen van wat er aan de andere kant is van de grenzen van je bestaan.
We lezen fragmenten van Murat Isik’s ‘Mijn moeders strijd’ en Fatima Mermissi ‘Het verboden dakterras’.
Commentaar: Juut Meijer

zondag 14 juli               DE DRUK VAN HET GELUK

In onze tijd hebben we het in vele opzichten beter dan ooit. Toch is er ook grote druk: nog nooit waren zoveel mensen burn-out, de wachtlijsten in de GGZ zijn lang. Zou de druk die we ervaren iets te maken kunnen hebben met onze obsessie met geluk?
Stadspredikant en stand-up theoloog Tim Vreugdenhil zoekt deze zondag met ons een christelijk medicijn tegen de druk van geluk.
Commentaar: Tim Vreugdenhil

zondag 21 juli               KUN JE MET MUZIEK EEN OORLOG WINNEN?

Muziek, althans de meeste muziek, heeft een grote kracht. Ze kan ons troosten, optillen en veranderen, het goede in ons naar boven halen, en ons dichter bij elkaar en bij God brengen. Maar kun je er ook een oorlog mee winnen?
Lezingen: Psalm 150, de Kreutzersonate van Leo Tolstoj en Het valse seizoen van Christiaan Weijts
Commentaar: Agnes Grond

zondag 28 juli               HET GILGAMESH EPOS

We lezen fragmenten uit het Gilgamesh epos: één van de vroegste literaire teksten van de mensheid, bijna 5000 jaar geleden in steen gebeiteld, in Mesopotamië, lang vóór de Bijbel, lang vóór de Ilias en de Odyssee.
We lezen er over vriendschap en heldendom, dood en sterfelijkheid en over een god die de mensheid wil verdelgen met een zondvloed. Niets nieuws onder de zon.
Commentaar: Henk Hillenaar

zondag 4 augustus       MUREN EN MOGELIJKHEDEN

Opeens staat er een onzichtbare glazen muur in het landschap. Daarachter komt het menselijk leven tot stilstand. Aan de andere kant probeert een vrouw te overleven. De Oostenrijkse Marlen Haushofer schreef in 1968 ‘Die Wand’: over betekenis en opdracht van te leven.
Commentaar: Mirjam Wolthuis

zondag 11 augustus      ANTWOORD OP HET CYNISME?

We lezen fragmenten uit ‘Archipel van de Hond’, een boek van Philippe Claudel. Hij beschrijft wat er gebeurt als er dode lichamen aanspoelen op het strand van een tropisch eiland. ‘Waarden als respect, wederzijdse hulp, broederschap, mededogen en empathie zijn we kwijt. De mens van nu moet volkomen vrij zijn om het beste uit zichzelf te halen. Maar zo werkt het niet. We hebben morele opvoeding nodig’, zegt hij in een interview. Om het cynisme tegen te gaan en niet weg te kijken.
Commentaar: Cor Ofman

zondag 18 augustus      ‘IK GA OP REIS EN IK NEEM MEE…’

In deze zomerdienst nemen we ‘de toerist’ onder de loep. Hij deed vorig jaar met nog zo’n 18 miljoen medereizigers deze stad aan, en in de nabije toekomst staan er nog veel meer mensen te popelen om hier op vakantie te komen. Is dit een bedreiging of een verrijking? Schrijver Ilja Leonard Pfeijffer vindt in zijn boek ‘Grand Hotel Europa’ vooral het eerste en schrijft met giftige inkt over de verschillende types toeristen die hem in de weg lopen. Maar maatschappelijk uitvinder Elena Simons geeft er juist een positieve draai aan met haar alternatieve reisgids ‘The untourist guide to Amsterdam.’
Een bloemlezing over de mooie en minder mooie kanten van toerisme.
Commentaar: Geeske Hovingh

zondag 25 augustus      OSIP EN NADJEZJDA MANDELSTAM

In de nacht van dertien op veertien mei 1943 valt de Russische geheime dienst het appartement van Osip en Nadjezjda Mandelstam binnen. Aanleiding is een hekeldicht dat Osip op Stalin heeft geschreven en dat hij in beperkte kring heeft voorgelezen, niet wetende dat zich onder de toehoorders een collaborateur bevond. De nacht is een opmaat naar een van de moeilijkste perioden in het leven van het echtpaar, maar tegelijkertijd een van de productiefste voor de dichter; deze grote Russische poëet die zonder Nadjezejda in de vergetelheid zou zijn geraakt. Het verhaal van een leven, het verhaal van een liefde.
Commentaar: Colet van der Ven

Zomeropenstelling: Zin in de zomer

In de maanden juli en augustus is de Dominicus op zondagmiddag open voor publiek, van 12.30 tot 16.30 uur. Bezoekers kunnen even tot rust komen en een kaarsje branden. Op veel zondagen zijn er activiteiten: het labyrint, korte concerten, meezingen met het Popup Choir Amsterdam. Deze activiteiten worden op de website aangekondigd.

Een nieuwe pianist/organist

Na de pensionering van Thom Jansen is er een sollicitatieprocedure geweest voor een nieuwe pianist/organist.

Uit diverse kandidaten is Evert van Merode gekozen. Evert is geen onbekende in de Dominicus. Al meermaals speelde hij piano en orgel en hij heeft ook al een aantal keren het koor en de gemeente gedirigeerd.

Als kerkmusicus is Evert onder meer actief in de Ekklesia Tilburg.

Samen met Arjan van Baest is hij mede-oprichter van Stichting Muziek-Nu. Eind 2018 bracht deze stichting de CD “Dromen op Muziek” uit, die in de Dominicus gepresenteerd werd. Diverse Nederlandse en Vlaamse componisten, waaronder Arjan en Evert, schreven werken voor piano, viool en cello. De CD is nog te koop bij de boekentafel in de Dominicus en te bestellen via de website van Stichting Muziek Nu.

Wij heten Evert van harte welkom in de Dominicus!

Nieuwe Serie: In vuur en vlam. Serie wereldtheologen

Pinksteren is het feest van de geest. Die geest is vloeiend en ongrijpbaar, zeker ook in Bijbelse teksten. Er is nogal wat theologie aan te pas gekomen om de rol van de Geest te verhelderen. Misschien zijn we wat geest is op het spoor als we creativiteit hervinden, enthousiasme aanboren. Als verrassende verbindingen toch mogelijk blijken en verschillen worden erkend overbrugd.
Zo verleidt Pinksteren ons grensgangers te worden, niet te verstarren in wie we zijn en wat we geloven – zoals zo gauw gebeurt. In die zin staat de geest voor het diepste en mooiste, het goddelijke dat deze wereld als schepping en ook ons bezielt.

Er is veel te (her)ontdekken, ook in geloof en theologie en daarmee ook in onszelf. Alleen al het Christendom door de eeuwen heen, van verschillende plaatsen, tijden en tradities, herbergt enorme diversiteit. Oude thema’s, zoals de Drie-eenheid, die stoffig zijn geworden of duister, kunnen oplichten en (nieuwe) betekenis krijgen. De Geest beweegt ons om oude schema’s te doorbreken en nieuwe stemmen te integreren, onderweg naar het visioen van bevrijding voor de hele schepping.

In deze serie kiezen vier voorgangers een theoloog, of zelfs meerdere, die hen uitdaagt en op nieuwe wegen zet.

Zondag 9 juni: Pinksterzondag: Tot we samen zijn
Lezing: Johannes 14 en 16
Overweging door Henk Hillenaar

De heilige geest: het is dat stukje God in ieder van ons. De heilige geest op haar best is schepper van nieuwe, bevrijdende waarheid en daarmee ook vreugde onder mensen. Die geest van vernieuwing geeft ons vrijheid om onbevangen en in openheid verschillende tradities en levensbeschouwingen te leren kennen. Niet angstig, alsof een ander perspectief het onze zou bedreigen, maar in het vertrouwen dat we zullen doorgaan tot we samen zijn.

Zondag 16 juni, Trinitatis: Drie voor de prijs van één
Lezing: Genesis 1 en Dionysius de Areopagiet (fragmenten)
Overweging door Juut Meijer

Al rond de 5e eeuw beschreef Dionysius de Areopagiet hoe de ene God zich uitstort in alle leven. Hij maakte hiërarchische stelsels waarin hemelse wezens en engelen afdalen in het leven zoals wij dat op aarde waarnemen en ervaren.
In onze huidige tijd zijn er ook theologen die vermoeden dat God met alle dingen en alle leven verweven is, zoals Catherine Keller en de Russisch Orthodoxe theoloog Zizioulas. De beweging is een andere en minder top-down maar de gedachte dat alle leven vervuld is van een goddelijke betrokkenheid en toch zo veelsoortig is, blijft. Zo groeit theologie die teruggrijpt op de meest oude concepten en tegelijkertijd hedendaagse ontwikkelingen serieus neemt.

Zondag 23 juni: Moed tot waarheid – Michel Foucault
Lezing: Psalm 139 en Esther Naomi Perquin
Overweging door Annewieke Vroom

De Franse filosoof Michel Foucault (Poitiers,1926 – Parijs,1984) is een opvallende keuze in een serie over wereldtheologen. Foucault zocht niet naar theos (God), maar naar sophia (wijsheid).Hij onderzocht niet de Bijbelse teksten, maar vooral de Griekse en wijsgerige.
De theologie wordt veel rijker door ook de blik van buiten toe te laten en actief te betrekken.
In Foucaults analyse van teksten aan de bakermat van de Europese cultuur vinden we een zoektocht omtrent de vraag: hoe probeert de mens het leven op een waardige manier te leven, in een wereld van macht en uitsluiting?
In de serie colleges, gegeven aan het College de France in de twee jaar voor hij stierf, onderzoekt hij Griekse teksten over de moed tot waarheid (parrhesia). Een ‘waarheidsspreker’ is iemand die de waarheid spreekt en belichaamt, ‘zelfs als hij zichzelf en de relatie met de ander ermee op het spel zet’. Je denkt vanzelf aan verhalen over Jezus, die er toch niet bepaald om heen draaide in zijn onderwijs.
Foucault analyseert kritisch de vroegchristelijke verbastering of verandering van dit waarheidsspreken. In de laatste alinea van het laatste college dat hij in zijn leven zou geven, stelt Foucault deze vraag: is daar een waarachtig leven vanuit de mens zelf opgegeven als een onmogelijk ideaal? Een kritische vraag die een beginpunt geeft deze zondag.

Tijdens deze dienst zal een kind gedoopt worden.

Zondag 30 juni, lichaam en G/geest
Lezing: Ezechiel 37
Overweging door Janneke Stegeman

Marcella Althaus-Reid was een provocatieve Latijns-Amerikaanse theologe. Ze heeft lichamelijkheid en seksualiteit een plek gegeven in de bevrijdingstheologie. Zij stelde de geest voor als een vloeibare en erotische kracht. ‘Geest’ staat niet tegenover ‘lichaam’, zoals soms in de theologie. Marcella Althaus-Reid wilde mensen en theologie bevrijden van benauwende en soms ook schadelijke visies op ons gelovige lichaam. De Geest nodigt ons juist uit thuis te zijn in ons lichaam, daagt ons uit de incarnatie van God op nieuwe manieren te ervaren.