foto-links

raamdom-gr

Iemand begint te gaan, begint te zingen…

Het is voorjaar, bijna zomer, de terrassen zitten vol en op donderdagavond in de Dominicuskerk zingt het koor ‘Een lied voor de winter’. Het lied past niet in deze tijd van het jaar, dat weten we wel, maar daar laten we ons niet door weerhouden. We staan in een kring rond Thom en de piano en zingen boven onszelf uit: ‘Gaan, wie durft te gaan? hoe gaan we? gaan we niet? waarheen gaan? Weet iemand het wachtwoord? wie heeft een sleutel? Wie heeft iets eetbaars? wie een droom, een heimwee? Iemand begint te gaan, begint te zingen…’

Het lied is oud, bijna vergeten, niet eens meer opgenomen in nieuwere uitgaven van partituren bij de bundel die wij in de Dominicus nog altijd gebruiken. Wie kent het nog? Waar wordt het nog gezongen?

Het moet vroeger toch wel vaak in de Dominicus geklonken hebben, blijkens de oude, versleten koorpartijen die we in onze handen hebben. Ze zijn soms bijna onleesbaar. Sommige koorleden kennen het goed en slepen de anderen mee. Moeilijk is het niet. Thom vertelde dat het eind jaren 60 in enkele dagen is ontstaan, toen Huub Oosterhuis met zijn gemeente de Ignatiuskapel plotseling moest verlaten. Bernard Huijbers gebruikte bij uitzondering de makkelijk zingbare 6/8 maat. Het moest immers meteen worden uitgevoerd.

Enkele weken later sluiten we de laatste repetitie voor de zomer af met dit lied, maar nu heeft Thom mooie nieuwe muziekbladen uit zijn computer laten komen. De dag erna klinkt het in de aula van Zorgvliet, bij de uitvaart van Nel Buysman-Kroon.

Hoewel ik het zelf niet eerder gezongen had, bewaar ik wel een speciale herinnering aan dit lied. Als meisje van 16 liep ik de Pax Christie voettocht in Den Bosch. Toen ik na 3 dagen lopen met mijn groep de enorme Brabanthallen binnentrok klonk het daar. Het golfde door de hallen. Dit en nog veel meer komt boven tijdens het zingen. Er is daarvoor tijd genoeg, het duurt bijna 10 minuten. Tegen het einde van het lied valt het koor stil en vult de stem van sopraan Tineke de ruimte van de verder lege kerk: ‘Ik hoef geen weg, geen sleutel…’  Andere solisten vallen haar bij. De rest van het koor houdt de adem in.

Dan zingen allen: ‘Geen zilveren sleeën, geen goud in de grond, enkel een hand op mijn hart en een mond op mijn mond.’

Carla van der Heijden

Lieke’s Tip voor april:

Zapp Mattheus, boek én concert (19 en 20 april)!

Lees Lieke’s Jeugdboekentips.

Nieuwe boekentip van Lieke

Tip van maart, kijk op pagina ‘Lieke’s Boekentips’,

over ‘De regels van drie’ van Marjolijn Hof (bekroond met de Wouterje Pieterseprijs 2014).

Zeven woorden ten leven

dienstenserie 40-dagentijd t/m Pasen

Vanaf zijn arrestatie, (schijn)proces en weg met de kruisbalk heeft Jezus nog maar weinig gesproken. In de vier evangelies zijn slechts zeven laatste woorden van Jezus te vinden; bij alle evangelisten verschillend.

Aan de laatste woorden die mensen op hun sterfbed spreken wordt door omstanders veel betekenis toegekend. Wat valt er te zeggen als je geconfronteerd wordt met de Ultieme Stilte van de dood? In die laatste woorden kan het verborgen woord tot spreken komen en ons veel onthullen over het leven en sterven van een persoon.

In de beschouwingen van Timothy Radcliffe[1] bij de laatste woorden van Jezus maar ook van ieder ander, zegt hij: ‘Het is uiteindelijk niet de vraag of deze woorden van Jezus waar zijn maar eerder of er menselijke woorden zijn die enige betekenis kunnen hebben. Zijn al onze pogingen om wat van ons bestaan te maken zinloos met het oog op de ultieme stilte van de dood? Leven we tussen Schepping en Koninkrijk of tussen de Big Bang en de Grote Stilte?’
Kunnen we van deze laatste woorden alleen maar somber worden of zijn deze zeven laatste woorden misschien de zeven kernwoorden ten leven?

Jezus spreekt de zeven laatste woorden vanaf het kruis; ze zijn dus gekleurd door het lijden en dus niet zomaar gezegd. Het zijn zeven zinnen uit verschillende evangelies, die elk een eigen inzicht verwoorden.  Deze laatste woorden van Jezus, woorden aan het kruis, blijken geen bezweringsformules of protesten, maar woorden die vanuit overgave en kwetsbaarheid kracht oproepen. Deze woorden gaan tegen de leegte in en zetten aan tot ‘opstanding’.

In de sobere en stille Vastentijd, tussen Aswoensdag en Pasen, willen we deze zeven woorden tot ons laten spreken.


[1] Timothy Radcliffe, Seven Last Words, 2004, Burns &Oates, New York

Gelijkenissen

dienstenserie januari/februari 2014

Zonder gelijkenis spreekt Jezus niet.
In gelijkenissen (parabels) gaat het over alledaagse zaken. Iedereen herkent ze en heeft er weet van. Het gaat over mosterdzaad en zuurdesem, over graan en onkruid, over een schat en een parel, over kinderen, over een landeigenaar en een koning die een bruiloftsmaal voor zijn zoon geeft, over belasting betalen. Gewone zaken die een ongewone zeggingskracht krijgen. Want Jezus is een dichter en geen wetenschapsjournalist. Hij probeert de werkelijkheid niet in beschrijvingen en verklaringen te vangen, maar zijn woorden scheppen een nieuw zicht op de werkelijkheid. In beelden en metaforen probeert hij zijn toehoorders met andere ogen en oren naar de werkelijkheid te laten kijken. Er is iets gaande in de werkelijkheid, nu nog verborgen en onzichtbaar, maar het is komende. Onverwoestbaar groeit het. Hij noemt dat geheim van de werkelijkheid ‘het koninkrijk der hemelen’ en het is dichterbij dan je denkt. Zo spreekt deze profeet van de nabijheid Gods, deze Jezus, wiens hele levensweg een parabel is van dit komende Koninkrijk.

Gedichten moet je langzaam lezen en elk woord wil geproefd worden. Langzaam laten binnenkomen in je oren en laten smelten op je tong, zodat de smaak en de betekenis zich kunnen prijsgeven. De oude kunst van het mediteren. Herkauwen om de voedingsstoffen ten volle tot je te nemen. Lezen en leven kunnen niet zonder elkaar. Elke gelijkenis heeft zijn punt van vergelijking en meestal een verrassend slot dat alles op zijn kop zet. Wat argeloos en ongevaarlijk lijkt te beginnen eindigt vaak met een schok, een stroomstoot. De hoorder wordt voor de keuze gesteld: ga je mee of draai je om. Het geheim (de dubbele bodem) van een gelijkenis is de verwijzing naar het volstrekt Andere, dat koninkrijk der hemelen. En dat is niet ons koninkrijk, ook al bestaan we reeds 2000 jaar. Gelijkenissen zijn een uitnodiging aan de hoorders om zich te laten betrekken bij een nieuw zinsverband tussen God en mensen. Ze nodigen ons uit medespelers te worden in een nieuw verhaal over liefde die bevrijdt en compassie die mensen tot bestaan roept.

In het eerste verhaal uit de bibliotheek die het bijbelboek bewaart, in dat scheppingsgedicht, komt het thema gelijkenis gelijk aan de orde: ‘God zei: Laten wij mensen maken, die ons evenbeeld zijn, die op ons lijken.’ (Genesis 1,26). Wat een uitnodiging: ‘Laten wij mensen maken’! ‘Wij’ is niet God almachtig in z’n eentje, maar God en de hoorder/lezer die samen mensen gaan maken, samen mens worden. Zullen God en mens elkaar weerspiegelen in een nieuw gedicht? Zal het verbond (zinsverband) tussen God en mensen tot leven komen en vrucht dragen? Dit gaat niet over wat mensen moeten geloven en doen, maar over de kiemkracht van zaad dat in mensen is uitgezaaid, over iets waartoe mensen zich heel persoonlijk geroepen mogen weten. Gelijkenissen communiceren het geheim van het Koninkrijk, waar het is en hoe het werkt in gewone dagelijkse handelingen, die minder gewoon zijn dan ze lijken.

Afwachten of verwachten?

dienstenserie Advent 2013:

Op weg naar Kerstmis buigen we ons gedurende de Advent over het visioen van de Schrift. ‘Dat er goed land zal zijn, waar vrede is en recht’. We lezen drie zondagen visioenen uit de profetie van Jesaja. De eerste 39 hoofdstukken van Jesaja zijn geschreven ten tijde van ‘crisis’: grootmacht Assyrië ligt dreigend aan de grens van Israël; en in Israël zelf gaat het ook niet goed: er wordt geen recht gedaan, er zijn sociale misstanden: ‘Jeruzalem is gestruikeld, Juda is gevallen’ (Jesaja 3,8). Jesaja tekent de crisis, klaagt aan, legt vingers op gevoelige plekken. Maar hij verkondigt ook een nieuwe toekomst. Op de laatste zondag van de Advent staat Psalm 2 centraal: het visioen van de Schrift krijgt gestalte in een Gezalfde, een Koning, iemand die als een wijze dienaar leiding geeft aan mensen. Deze Advent-serie sluit aan op onze serie over ‘de crisis’: een open oog krijgen voor wat om ons heen gebeurt en zien of een andere wereld mogelijk is en hoe dan.

De profetie van Jesaja is in de christelijke traditie nogal eens geïnterpreteerd als een ‘voorspelling’ van de komst van Jezus van Nazareth. Zo er al een band is tussen de profetie en Jezus geldt eerder het omgekeerde: volgelingen van Jezus kenden visioen van Jesaja; en zij zagen in Jezus een gerechte, zoals die door Jesaja beschreven is. En in de woorden van Jezus van Nazareth worden we opnieuw herinnerd aan wat ook Jesaja zag als roeping van de mensen: om zich ervan bewust te worden hoe deze schepping, hoe wij mensen bedoeld zijn.

De weken voor Kerstmis zijn weken van verwachting en verlangen. We zingen en lezen over wat we ten diepste verlangen: dat wij ons thuis voelen in deze wereld, dat er plaats is voor alle mensen, dat er vrede is. Kern van de verkondiging van Jesaja is, dat de Levende nabij is, dat we altijd en in alle omstandigheden de Levende mogen verwachten. Het zijn verlangens die de werkelijkheid te boven gaan. Maar we kunnen ons door deze verlangens en verwachtingen op weg laten zetten.

Beleidsraad: uitslag verkiezingen 2013

Vandaag 24 november 2013 zijn weer verkiezingen gehouden voor de Beleidsraad van de Dominicusgemeente.

Er waren vier kandidaten voor drie vacante plaatsen. Totaal zijn 254 stemmen uitgebracht.
Gekozen zijn:

  • Petronella van Leeuwen
  • Pieter Kroon
  • Frank van Kesteren

het OPEN HUIS komt er weer aan

En dat kan alleen met uw hulp. Schrijf je in als vrijwilliger of doneer je gift. Kijk op de OPEN HUIS pagina.

Beleidsraad: kandidaten stellen zich voor

Voor de verkiezingen van de Beleidsraad hebben zich vier kandidaten beschikbaar gesteld.

De verkiezingen vinden plaats op zondag 24 november na afloop van de dienst.

In het volgende document
VerkiezingenBR-Kandidaten2013
stellen de kandidaten zich voor.

 

Zorgen om de toekomst van de aarde?

Op zondag 27 oktober gaat de dienst over de bedreigingen voor onze aarde: verontreinigde lucht, vergiftigde en uitgeputte aarde, vervuild water. Allerlei mensen en groepen zijn al actief om de vernietiging van de aarde tegen te gaan. Denk aan: investeringen in zon- en windenergie, het telen van biologische producten in kleinschalige tuinen, het eten van minder vlees, het scheiden van plastic en ander schadelijk afval, het kopen van gezond voedsel en eerlijke kleding, reizen met openbaar vervoer.

Onze vraag is: wat doet u al en wat zou u met andere Dominicusgangers willen delen? Kunt u een foto, een folder, een voorbeeld  meenemen om er iets over te vertellen? Zo kan er in de kerk een ‘markt van bezinning en keuzes’ ontstaan van mensen die elkaar informeren over gemaakte en te maken keuzes.